Het Vlaams Vredesinstituut is een onafhankelijk
instituut voor vredesonderzoek bij het Vlaams Parlement.

Vlaams Defensieplan: veel vragen, nog te weinig antwoorden

07/11/2025

Brussel, 7 november 2025

In de huidige geopolitieke context kunnen doordachte investeringen in de defensiesector bijdragen aan vrede, veiligheid en strategische autonomie. Het Vlaams Defensieplan kan daarin een rol spelen. Toch brengt het plan – zo blijkt uit het nieuwste advies van het Vlaams Vredesinstituut – ook niet te onderschatten risico’s mee, niet in het minst op het vlak van civiele innovatie, academische vrijheid en transparantie.

Wie de analyse van de nieuwste cijfers uit het Jaarverslag Wapenhandel van de Vlaamse Regering vluchtig bekijkt, zou kunnen besluiten dat Vlaanderen amper impact ondervindt van de turbulente geopolitieke situatie. Nochtans hebben de sterk stijgende defensie-uitgaven sinds 2022 – Europese lidstaten investeerden in 2014 ongeveer 35 miljard euro in defensie-aankopen en -innovatie, terwijl dit in 2024 al opliep tot 102 miljard euro –belangrijke gevolgen voor de Vlaamse defensiegerelateerde industrie. Niet alleen worden er op het Belgische niveau investeringen gedaan, ook op Europees niveau zijn nieuwe instrumenten opgezet. Het Europees Defensiefonds (EDF) geeft jaarlijks circa 1 miljard euro uit aan militair Onderzoek & Ontwikkeling (O&O). Vlaanderen paste zijn beleid hierop aan: de richtlijn-Muyters (2018) maakte O&O-financiering met militaire finaliteit al mogelijk, en in 2025 kwam de Vlaamse Regering in het kader van het Vlaams Defensieplan met een defensiefonds van maximaal 1 miljard euro, een VLAIO-programma voor militaire O&O (tot 50 miljoen euro in 2029), en deelname aan het NAVO Innovatiefonds. Voor Vlaamse defensiegerelateerde bedrijven zorgen die evoluties al voor groei, zoals blijkt uit een nieuwe, bijkomende analyse van de Vlaamse defensiegerelateerde industrie door het Vlaams Vredesinstituut. Met het Vlaamse Defensieplan krijgen zij nog een extra duwtje in de rug. Maar het plan brengt ook risico’s mee.

Nils Duquet, directeur van het Vlaams Vredesinstituut: “Het Defensieplan wil soepelere criteria en snellere procedures voor defensiegerelateerde projecten. Hierdoor dreigt een ongelijk speelveld te ontstaan tussen projectindieners: bedrijven, onderzoekers en kennisinstellingen kunnen zich verplicht voelen om op zoek te gaan naar een link met defensie om een snellere en soepelere beoordeling te krijgen. Wie zo’n link niet kan of wil aantonen, dreigt benadeeld te worden.”

De focus op de defensie-industrie is wel degelijk een belangrijke ommekeer in het Vlaamse beleid. Nieuwe spelers, zoals bijvoorbeeld de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV) en de Limburgse Reconversiemaatschappij (LRM), zullen nu geld pompen in de defensie-industrie. Zij hebben amper ervaring met actieve (financiële) ondersteuning van defensiegerelateerde bedrijven en kennisinstellingen. Voor het Vredesinstituut is het dan ook belangrijk dat ze de manier waarop ze projecten beoordelen aanvullen met nieuwe criteria, bijvoorbeeld inzake (kennis-)veiligheid, exportcontrole en buitenlands beleid. Het wordt ook belangrijk om de komende jaren het totaalplaatje niet uit het oog te verliezen. De Vlaamse overheid heeft de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat PMV en LRM, maar ook bijvoorbeeld FIT en VLAIO, transparant zijn over de Vlaamse (financiële) steun aan dualuse- en defensie-innovatieprojecten.

Nils Duquet: “Er vloeien steeds meer middelen naar defensie en veiligheid. Als daar te weinig democratische en parlementaire controle op is, dreigt verspilling. Dat kunnen we missen in budgettair barre tijden. Zeker omdat puur militair-tactisch oplossingen en investeringen ruim onvoldoende zijn als antwoord op wat ons bedreigt. Neem nu de problematiek van de drones: als we die nieuwe vorm van hybride en psychologische oorlogsvoering effectief willen aanpakken, hebben we ook een goed gefinancierde politie en justitie, een duidelijk kennisveiligheid- en exportcontrolebeleid, een weerbare bevolking en meer internationale samenwerking en diplomatie nodig. Op die fronten zien we vandaag, ook in Vlaanderen, te weinig stappen vooruit.”